Dit stuk heb ik samen met Lauk Woltring geschreven, mederedacteur van het boek De Ontwikkeling van Jongens in het Onderwijs.


Jongeren die nu gedwongen thuis zitten vinden het vaak moeilijk hun schoolwerk goed te organiseren. De vaste regelmaat en structuur van school en het directe contact met de leraren boden eerder nog houvast maar dat is nu weggevallen. Sommigen hebben daar minder moeite mee en zij zijn blij met de zelfstandigheid die ze onverwacht hebben gekregen.

Maar de meesten vinden het lastig hun week structuur te geven, vooral diegenen die daar op normale schooldagen ook al moeite mee hadden. Uit onderzoek en de ervaringen van leraren en pedagogen blijkt dat jongens vaker dan meiden moeite hebben met het organiseren van hun huiswerk en het vinden van een goede balans tussen school en vrije tijd.

Voor ouders die hun kinderen daarbij willen helpen hebben we hier een aantal tips, ontleend aan het boek De Ontwikkeling van Jongens in het Onderwijs. We weten nog niet waar dit alles heen gaat, wanneer de scholen weer starten (en hoe…), maar ook als straks de scholen weer (gedeeltelijk) opengaan blijven deze tips van kracht.

N.B. Deze tips gaan vooral over jongens, maar ook meiden kunnen in deze tijd extra ondersteuning gebruiken.

Naast moeilijkheden biedt deze situatie ook allerlei kansen; een kans om contact te hebben met uw kinderen, te sturen op nieuwsgierigheid en verwondering, en groei naar zelfstandigheid stimuleren. Terwijl school soms een keurslijf is kunnen we nu afstemmen op het individuele kind en zijn ontwikkeling – zijn kwaliteiten, wat hem bezig houdt, boeit en wat daarvoor nodig is.

Autonomie

Uitgangspunt is dat we jongeren steunen in hun behoefte aan autonomie. Tieners willen zelf bepalen wat ze leuk vinden en hoe ze hun schoolwerk aanpakken. De ervaring leert dat, als we die behoefte erkennen, ze onze steun graag accepteren en beter leren omgaan met zelfstandigheid. Daarvoor moeten we uitgaan van het doel van het kind, het steunen bij het bereiken van dat doel, bespreken welke belemmeringen er zijn en wat het nog moeilijk vindt.

In de meeste gevallen zal uw kind als doel hebben over te gaan met (ruim) voldoende cijfers. Bekijk samen of er achterstanden zijn en breng die duidelijk in kaart. Dat is nodig om het schoolwerk goed te plannen.

Leg uw kind uit: “Je hebt nu de kans om zelf je schoolwerk aan te pakken op jouw manier; je kunt nu zelf keuzes maken en ik help je daarbij waar het kan en als jij dat wil.”

In de gesprekken met uw kind is het belangrijk dat u hem de ruimte geeft zelf een aanpak te bedenken om zijn doel te bereiken en oplossingen te vinden voor problemen. Kom pas met tips wanneer hij er om vraagt. Dat werkt het beste.

Vaak zijn er zaken die hem van zijn schoolwerk afhouden: digitale media, games enzovoort. Laat hem daar zelf een oplossing voor bedenken en afspraken over maken. Geef wel grenzen aan.

Vermijd ‘waarom-vragen’ zoals: “Waarom doe je dit, waarom niet dat?” “Waarom heb je niet …?” Dat is vaak vragen om verantwoording over iets waar hij (zij) nog geen controle over heeft of woorden voor heeft. Dat voelt als een oordeel en is een gegarandeerde manier om het gesprek te stoppen. Beter is vragen: “Wat vind je er zelf van?” “Hoe zou je dit oplossen/aanpakken?” Enzovoort.

Pas als dat niets oplevert kunt u vragen: “Zal ik je een tip geven?”, “Kijk eens of … werkt.” Misschien wijst hij dat af en komt hij zelf met een idee. Dat is autonomie bevorderen!

Aan het eind van de dag of aan het eind van de week kunt u samen de vorderingen evalueren. Daarbij is het belangrijk dit positief te formuleren: “Wat is er al gelukt?” of “Hoe kun je je doel nog beter bereiken?”

Geef daarbij vooral concrete feedback over de aanpak en niet zozeer over het resultaat. Bijvoorbeeld: “Hoe kun je je tijd anders indelen?”, “Aan welk vak kun je beter eerst werken?” of: “Wat kun je veranderen aan je aanpak?”

Zelfstandig werken zal misschien niet meteen lukken. Probeer dat zonder te oordelen met uw kind te bespreken. Laat zien dat u er vertrouwen in hebt dat hij kan groeien: “Je kunt het NOG NIET, maar als je blijft proberen gaat het lukken.” Dat woordje ‘nog’ is belangrijk. Het geeft aan dat hij zich kan ontwikkelen.

Geef vooral aandacht aan successen. Ook kleine succesjes zijn een teken van vooruitgang.

Planning

Als het mogelijk is, zorg dat iedereen in huis een werkplek heeft waar hij (zij) geconcentreerd kan werken.

Jongeren (en met name jongens) hebben vaak moeite met planning. Een planning maken lukt soms nog wel, maar je eraan houden is lastiger. En nu de structuur van school is weggevallen moet uw kind voor de eerste keer zijn dagen en weken zelf plannen. Een goede planning zorgt dan voor rust en ruimte: “Je zult zien dat je in minder tijd meer kunt bereiken, waardoor je meer tijd overhoudt voor andere dingen.” En: “Je zult zien dat je minder stress hebt over school.”

Als hij hulp accepteert, stel dan samen regels voor de planning op. Teken die op een groot vel papier, waarbij verschillende blokken verschillende kleuren kunnen krijgen. Dat papier kan hij ergens in zijn kamer ophangen. Vul de blokken met potlood in zodat de planning makkelijk kan worden aangepast.

Als bekend is wanneer de contacten met school zijn, begin dan met de blokken voor vrije tijd. Plan de tijd om te chillen aan het eind van de dag als het schoolwerk af is. Het is belangrijk dat hij ziet dat school niet ten koste gaat van zijn vrije tijd. Geen zorg als die vrijetijdblokken in het begin wat optimistisch groot worden gemaakt. Tijdens de dagelijkse of wekelijkse evaluatie kunt u vragen: “Werkte het zo?” “Had je voldoende tijd om aan je doel te werken?”

Weekplanning

Maak de weekplanning in het weekend. Maak duidelijk onderscheid tussen online-lessen, zelfwerkblokken (opdrachten en leerwerk), online-vragenuur met mentor of vakdocent, toets momenten en momenten voor het inleveren van opdrachten, en vrije tijd. Wissel zelfwerkblokken af met pauzes van een halfuur om de geleerde kennis te laten zakken. Drink een kop thee, wandel even en probeer prikkels zoveel mogelijk te vermijden.

Na een tijd komt uw kind in een flow en is uw hulp niet meer of alleen af en toe nodig.

Dagplanning

Zorg voor een vaste dagstructuur met het hele gezin; op tijd opstaan, vaste etenstijden en voldoende tijd om te slapen.

Begin de dag met beweging. Daarmee wordt het lichaam wakker en gaat bloed naar de hersenen stromen. Breng de pauzes en de vrije tijd ook met zoveel mogelijk beweging door, buiten met een bal of binnen oefeningen doen of touwtjespringen (waarom niet?).dat kunnen ook kleine huishoudelijke klusjes zijn.

Als u zelf vanuit huis werkt kunt u samen ontbijten (lukt buiten coronatijd vaak niet) en pauzes plannen: in de ochtend, lunchtijd, halverwege de middag en het avondeten.

Bespreek of hij overhoord wil worden, wanneer en voor welke vakken.

Spreek af wanneer u met uw kind de dag evalueert. Zie de vragen hierboven.

Stimuleer hem vragen te stellen aan familieleden, de mentor of de vakdocent. Dat zal hij misschien lastig vinden en daarbij uw hulp kunnen gebruiken.

En als uw kind aangeeft geen hulp te willen, accepteer dat, ook als u ziet dat het hem (nog!) niet lukt zijn tijd goed in te delen. Geef aan dat u altijd bereid bent te helpen als hij er niet uitkomt. En blijf, zonder oordeel, belangstellend vragen hoe het gaat. Geduld, hoe moeilijk soms ook, werkt op de lange duur het beste.

Tenslotte dit: iedere ouder heeft zijn of haar eigen opvoedstijl. Beschouw deze tips daarom als adviezen die op ervaring berusten, niet als dwingende voorschriften. Bedenk dat deze tijd ook extra kansen biedt om contact met uw kind te hebben, niet opdringerig, maar gewoon ‘er zijn’, af en toe delen waar je mee bezig bent. Dit geldt extra voor vaders die ‘normaal’ vaak buiten beeld zijn door hun werk buitenshuis; bewezen is dat betrokken vaders leiden tot minder problemen later.

Wij wensen u veel sterkte maar ook veel plezier met uw kind in deze wonderlijke tijden.

Het boek De Ontwikkeling van Jongens in het Onderwijs geeft de nieuwste inzichten over de oorzaken van problemen die jongens vaak hebben in het onderwijs. Het staat boordevol aanwijzingen voor leraren en opvoeders om hen door de schooljaren heen te helpen. U kunt het hier bestellen.

Woltring, L., & Van Der Wateren, D. (Red.). (2019). De ontwikkeling van jongens in het onderwijs. Context en praktijk van primair tot en met hoger onderwijs. LannooCampus.

Bij deze tips hebben we ook gebruik gemaakt van tips van Lydia Sevenster, GoedPresteren.nl.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

About Dick van der Wateren

Sinds voorjaar 2017 heb ik een filosofische praktijk, De Verwondering, in Amsterdam. Daar heb ik gesprekken met volwassenen zowel als jongeren. Ik sta voor de klas op het Eerste Christelijk Lyceum in Haarlem en begeleid dagelijks talentvolle en begaafde leerlingen die meer uitdaging nodig hebben, of coach leerlingen die een probleem hebben waar we samen een oplossing voor vinden. Ik heb een jarenlange ervaring als aardwetenschapper (o.a. in Antarctica en Afrika) en wetenschapsvoorlichter. Werken met jongeren is mijn passie. Voor mij zijn tieners zo'n beetje de leukste mensen. Ze hebben een enorme levenslust, zijn creatief, hebben originele ideeën - soms op het bizarre af - en kunnen zich nog alle kanten op ontwikkelen. Ik beschouw het als een voorrecht aan die ontwikkeling te kunnen bijdragen.

Category

onderwijs

Tags

, , ,